Accepteren kun je leren

Accepteren kun je leren?

‘Let go of what was, accept what is, have faith in what will be’.

Een poster met deze tekst hangt op mijn kantoor, tegenover mijn bureau. Geheel op eigen initiatief uit de Happinez gescheurd tijdens een mindfull momentje (Ja, die zijn er wel!). Wanneer ik soms naar adem moet happen dan helpt het mij om naar de tekst te staren en de boodschap tot me door te laten dringen.  Niet stressen. Accepteren. Tijdens gesprekken met medewerkers wijs ik regelmatig, als een soort van doorgewinterde inspiratie goeroe, naar de tekst.  Een gezamenlijk staar momentje volgt, met vervolgens de woorden: ‘Ja, inderdaad, alles komt goed, het is zoals het is.’ En.. we rennen weer verder.

Modewoorden?

‘Accepteren, loslaten en vertrouwen’. Zijn het modewoorden? In ieder geval worden ze tegenwoordig op veel manieren over je heen gestrooid. Ik doe er zelf vrolijk aan mee. ‘Je moet dit of dat echt loslaten’, hoor ik mezelf met enige regelmaat tegen vriendinnen of collega’s zeggen. Met als reactie vaak een soort bevestigend gemompel in de trant van: ‘Ja, klopt, dat moet ik echt gaan doen.’ En je ziet in iemands hoofd allerlei radertjes in beweging komen en iemand heel hard nadenken over hoe dat aangepakt moet gaan worden. Zoveel makkelijker gezegd dan gedaan.

In essentie gaat het, volgens mij, hier al mis: het woord ‘moeten’ in een adem gebruiken met ‘accepteren’ en ‘loslaten’. Je moet niet, je wil accepteren.  En je moet niet, je wil loslaten. Dit klinkt positiever en lijkt gemakkelijker te verwezenlijken toch? Zodra je immers iets wil ben je een stuk gemotiveerder.

Dat lukt toch nooit thuis?

Met deze wijsheden in ogenschouw genomen richt ik me even op het thuisfront, want ook daar valt nogal eens iets te accepteren en los te laten. Zoals het aanvaarden van slecht etende peuters, dat je huis altijd maar voor 5 minuten opgeruimd is, dat je niet meer ‘s avonds met je vriendje zomaar de hort op kan, dat rustig op de wc zitten er niet meer bij is (zie mijn vorige blog) en het accepteren van slaapgebrek. Aangezien chronisch slaapgebrek je verandert in een ontzettend minder leuke versie van jezelf, is deze laatste toch wel essentieel in mijn acceptatie-procesje.  Wanneer je in je bed, uit je bed, in je bed, uit je bed moet (want hé, de dochter die al 3 jaar lang braaf doorslaapt, is daar terecht mee gestopt sinds de baby er is) en om 6.30 uur de wekker gaat, waarop je al lag te wachten, ontstaat er een intens gebrek aan relativeringsvermogen. Met alle gevolgen van dien.

Hoe dan wel?

Dus als we het over acceptatie hebben is klein beginnen de key. In mijn geval is dat: aanvaarden dat blijde nachtrust de komende tijd niet meer in mijn vocabulaire voorkomt.  Het loslaten van effectieve slaap uren tellen, want als er iets is waar je gedeprimeerd van raakt…, en er vertrouwen in hebben dat het vanzelf beter wordt. Ik hou mezelf maar voor dat er geen een kind van 12 jaar is wat nog minimaal 2x per nacht een fles melk weg slokt. Ooit wordt het beter.

(Overigens lukt bovenstaande alleen in de situatie dat je fit, katerloos en gezond bent. Kinderen + katers = gewoon pure ellende, hierin komt het woord acceptatie absoluut niet voor, en dat is prima!)


Gepost onder Inspired by met de tag Mindfulness

Cornalijne

door Cornalijne van Korlaar

Reacties